Verdeling pensioen bij echtscheiding

Na een echtscheiding en einde geregistreerd partnerschap hebben beide ex-partners recht op een deel van het door de ander opgebouwde pensioen. Vaak wordt de waarde van het pensioen onderschat en men kiest doorgaans voor de standaard verdeling. Maar is dat terecht?
Lijfrentes vallen niet onder de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Wet VPS) en deze vertegenwoordigen vaak ook een flinke waarde die de ex-partners willen verdelen.

Standaard verdeling

In de Wet VPS is neergelegd hoe de verdeling van het pensioen kan plaatsvinden. De ex-partners hebben krachtens de hoofdregel recht op de helft van het gedurende het huwelijk door de ander opgebouwde ouderdomspensioen en op het volledige partnerpensioen. Middels huwelijkse voorwaarden of in het echtscheidingsconvenant kunnen partijen een andere verdeling afspreken.
Bij pensioen gaat het al snel om grote waardes die verdeeld moeten worden. Een aanspraak op een ouderdomspensioen van € 15.000 met 70% partnerpensioen van een 50-jarige kent een waarde van zo'n € 275.000. Het is dan ook zaak het belang van een correcte en voor alle partijen bevredigende pensioenverdeling bij de ex-partners door te laten dringen.
Zo is het bijvoorbeeld raadzaam de scheiding tijdig te melden bij de pensioenuitvoerder(s). Indien dit niet binnen 2 jaar na de scheiding gebeurt, dan is de pensioenuitvoerder niet meer wettelijk verplicht het verdeelde pensioen uit te keren aan beide ex-partners, maar slechts aan diegene die het pensioen heeft opgebouwd. De ander die na de scheiding recht heeft op een deel ervan moet zijn pensioenuitkeringen periodiek claimen bij de ex-partner in plaats van dit te ontvangen van het pensioenfonds. Niet echt een wenselijke situatie.

Conversie

Partijen kunnen afwijken van de standaard verdeling. Wil men niet meer afhankelijk zijn van de ander, dan is het mogelijk te kiezen voor conversie. Dit houdt in dat de ex-partner een eigen pensioenrecht verkrijgt op zijn eigen leven. Stelt de andere partner zijn pensioendatum straks uit, dan geldt dat niet voor het geconverteerde pensioenrecht. Dit is anders indien niet wordt geconverteerd. In dat geval blijft de ene ex-partner afhankelijk van de pensioenkeuzes van de andere ex-partner.
Een nadeel van conversie kan zijn dat de ene ex-partner na overlijden van de andere ex-partner geen bijzonder partnerpensioen meer krijgt. Dat is immers omgezet in een eigen pensioenrecht. Na overlijden van de ex-partner stopt de alimentatie en nu er geen bijzonder partnerpensioen wordt uitgekeerd, valt hij tot zijn eigen pensioendatum financieel gezien terug. Deze terugval is te voorkomen door een tijdelijke overlijdensrisicoverzekering te sluiten.
Het is belangrijk de keuzes goed vast te leggen in het echtscheidingsconvenant. Er zijn genoeg gevallen bekend waarbij de een of de ander er pas op pensioendatum achter komt dat er toch iets anders op papier staat dan dat hij dacht. En dan is het vaak te laat.

Lijfrentes

Ook lijfrenteverzekeringen en lijfrentebanksparen kennen vaak een hoge waarde die in de verdeling betrokken moeten worden. Lijfrentes vallen niet onder de Wet VPS, deze worden verdeeld op basis van het huwelijksgoederenregime. Er zijn meerdere mogelijkheden om een lijfrente in de verdeling te betrekken. Zo kan de man bijvoorbeeld de lijfrente onveranderd voortzetten en compenseert hij de vrouw in contanten, of zet de vrouw de lijfrente deels voort en deels de man. Dit laatste betekent een splitsing van de lijfrente en hiervoor is medewerking van de uitvoerder nodig. Indien de verdeling van de lijfrente in het echtscheidingsconvenant staat omschreven, werkt een uitvoerder doorgaans wel mee. Welke verdeling voor alle partijen het beste is, verschilt van geval tot geval. Een goede beoordeling van de situatie is dan ook gewenst.



2 Jun 2015


Waardeer het artikel Verdeling pensioen bij echtscheiding



Stel uw vraag:



naar boven
Contact

MKB Fiscaal Juristen
Oldenzaalsestraat 125
7514 DP Enschede

t : 053 432 72 00
f : 053 431 34 24
e : info@mkbfiscaaljuristen.nl